Comorbiditeit: het profiel van de aanmelder
Aanmelders voor genderzorg, met name minderjarigen, hebben bovengemiddeld vaak een psychiatrische diagnose. Autismespectrumstoornis, depressie, angststoornis, trauma en eetstoornissen springen eruit.
Autismespectrumstoornis
De Cass Review (2024) noemt 35-65% ASS-prevalentie bij verwezen minderjarigen, tegenover circa 1-2% in de algemene bevolking. Nederlands onderzoek bevestigt het patroon: Van der Miesen e.a. (Amsterdam UMC, 2018) vond bij 490 kinderen en adolescenten met genderdysforie een ASS-prevalentie van 26%, tien keer hoger dan in controlegroepen. Curium-LUMC stelde de screening op ASS in 2023 verplicht bij elke aanmelding. De combinatie ASS+dysforie is klinisch complex: rigid thinking, perspectief-overname-problemen en sensorische ongemak met het eigen lichaam kunnen genderonbehagen mimieken zonder dat sprake is van persistente genderdysforie. De Cass Review beval voor deze groep extra terughoudendheid met medische interventie aan.
Depressie en suicidaliteit
De Cass-data laten zien dat 70-80% van de adolescente aanmelders symptomen van angst of depressie heeft. Suicidaliteit is verhoogd vergeleken met leeftijdsgenoten zonder genderdysforie, maar gelijk of lager dan andere klinische jeugdpsychiatrische populaties. De claim "transition or suicide" — vaak gebruikt door activistische organisaties — wordt door de Cass Review en de Britse NICE-evaluatie expliciet weerlegd: het effect van hormonen op suicidaliteit is niet aangetoond in methodologisch sterke studies. Een Finse studie (Kaltiala 2020) toonde dat suicidaliteit voor en na hormoonbehandeling vergelijkbaar bleef. Adolescenten met genderdysforie sterven zelden door suicide; suicidaliteit in retoriek wordt vaak overgenomen zonder bron-toets.
Trauma en eetstoornissen
Bij geboren-vrouwelijke adolescente aanmelders is de overlap met eetstoornissen volgens Cass aanzienlijk: 20-30% heeft een geschiedenis van anorexia, boulimia of binge eating. De gemeenschappelijke noemer is een afkeer van het eigen lichaam in de adolescentie. Hoogleraar eetstoornissen Eric van Furth (Rivierduinen) en NVE-vereniging vragen sinds 2023 om gecoordineerde diagnostiek. Onderzoek van Aitken e.a. (Toronto, 2015) en Littman (2018, 2019) wijst op een ROGD-patroon waarbij sociale en peer-invloeden samenvallen met onderliggend trauma of misbruik. Onderzoek van Kozlowska e.a. (Sydney 2021) bij 79 adolescenten met dysforie: 87% had een trauma- of verlieshistorie. Curium-LUMC publiceert hier geen aparte cijfers over.
ADHD, OCD en persoonlijkheidsstoornissen
Kleinere maar significante percentages aanmelders hebben ADHD (15-20%), OCD (8-12%) of borderline-trekken (10-15%). Deze comorbiditeiten worden in de Nederlandse praktijk volgens detrans-organisaties niet altijd voor intake uitgesloten. De NVK en NVvP hebben in 2024 een gezamenlijke werkgroep ingesteld die de samenhang in kaart brengt; eerste rapport verwacht 2026.
Implicatie voor zorgmodel
De stelling dat hormoonbehandeling "geestelijke gezondheid verbetert" steunt voor minderjarigen op kleine, ongerandomiseerde studies. De Cass Review en de Zweedse Karolinska-evaluatie concluderen dat het bewijs onvoldoende is om de comorbide klachten als secundair aan genderdysforie te behandelen. Andersom kan het ook waar zijn: dysforie kan een symptoom zijn van onderliggende psychiatrische, neuro-ontwikkelings- of trauma-gerelateerde problematiek. De affirmatieve aanpak ziet die mogelijkheid niet expliciet onder ogen. Een exploratief model (Cass, SBU, Karolinska) start juist met behandeling van die onderliggende problematiek voordat hormonen worden overwogen.
Kernpunten
- ASS: 26-65% bij aanmelders, vs 1-2% in bevolking.
- Depressie/angst: 70-80% van adolescente aanmelders.
- Eetstoornis-overlap (vooral meisjes): 20-30%.
- Trauma-historie (Kozlowska): 87% van een Sydney-cohort.
- Hormoon-effect op suicidaliteit: niet bewezen (Cass, Kaltiala).
- "Transition or suicide"-frame: weerlegd door Cass.
Zie ook Curium-LUMC, jongerenstijging en affirmatie-only debat. Externe bron: Cass Final Report, Van der Miesen 2018 (PubMed).